Bijtelling privégebruik niet in strijd met Europees recht

Wanneer een werkgever aan zijn werknemers een auto ter beschikking stelt, gaat de wet ervan uit dat de auto ook voor privégebruik ter beschikking is gesteld. Dat betekent dat er een bijtelling bij het loon van de werknemers plaats moet vinden, tenzij kan worden aangetoond dat er niet meer dan 500 kilometer op jaarbasis privé wordt gereden met de auto.

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelde in een procedure dat een thuiszorgorganisatie auto’s aan haar werknemers ter beschikking stelde. De auto’s werden afwisselend door verschillende werknemers gebruikt. De werknemers haalden aan het begin van hun dienst de sleutel van een auto uit een sleutelkast op het kantoor en parkeerden de auto na hun dienst bij het kantoor. Werknemers namen af en toe een auto mee naar huis. Het hof vond bepalend voor de terbeschikkingstelling dat de werknemers de auto’s gedurende de gehele werkdag tot hun beschikking hadden en binnen zekere grenzen de wijze van gebruik van de auto konden bepalen. Hoewel dat niet toegestaan was, konden en werden de auto’s privé gebruikt.

In cassatie voerde de thuiszorgorganisatie aan dat het ontbreken van een tegenbewijsregeling tegen de bijtellingsregeling een onaanvaardbare individuele last vormt, waardoor de regeling in strijd is met Europees recht. De Hoge Raad deelt deze opvatting niet. De wetgever heeft om redenen van eenvoud, doelmatigheid en uitvoerbaarheid gekozen voor een forfaitaire belastingheffing over het privégebruik van een auto. In verband met de gewenste eenvoud heeft de wetgever afgezien van een uitgebreide tegenbewijsregeling. Deze keuze van de wetgever is niet onredelijk. De regeling van het autokostenforfait als zodanig is niet in strijd met Europees recht. Om in het geval van de thuiszorgorganisatie in strijd met Europees recht te zijn, zou de last van de regeling voor deze organisatie zwaarder moeten zijn dan voor andere werkgevers die een auto aan personeel ter beschikking stellen. Er moeten dan bijzondere omstandigheden zijn die niet voor alle werkgevers gelden. Het enkele feit dat de auto’s relatief oud zijn, waardoor de bijtelling hoog uitvalt, is geen bijzondere omstandigheid die kan leiden tot een onaanvaardbare last.