Toepassing foutenleer na overdracht pensioen

Een BV had voor haar dga een pensioenvoorziening in eigen beheer gevormd. In 2006 droeg zij de pensioenverplichting over aan een andere BV. In de overnamevergoeding was een bedrag van € 600.000 opgenomen voor na-indexatie in verband met loon- en prijswijzigingen.
De BV bracht het verschil tussen de betaalde overnamevergoeding en de boekwaarde van de pensioenverplichting in 2006 ten laste van haar winst. De aanslag Vpb 2006 werd conform de ingediende aangifte opgelegd. Bij de aanslagregeling over 2010 bracht de Belastingdienst
met toepassing van de foutenleer een correctie op de winst aan ter grootte van € 600.000. De correctie betrof de na-indexatie die in 2006 ten laste van de winst was gebracht. Vanwege de zogenaamde aftrektemporisering had dit bedrag niet ten laste van de winst
over 2006 gebracht mogen worden. De aftrektemporisering houdt in dat het bedrag voor de na-indexatie ten laste van de winst mag worden gebracht naar mate zich prijsstijgingen voordoen.

Navordering over 2006 was niet mogelijk omdat de Belastingdienst niet over het daarvoor vereiste nieuwe feit beschikte. In een dergelijk geval kan een fout met toepassing van de foutenleer in het oudste nog openstaande jaar worden hersteld. Volgens de BV
was wel sprake van een fout, maar werd daardoor de totaalwinst niet beïnvloed en kon daarom de foutenleer niet worden toegepast. De rechtbank deelde deze opvatting niet. De Hoge Raad heeft in 2000 de foutenleer toegepast op een afschrijvingsfout. Volgens de
Hoge Raad hoefde niet gewacht te worden tot het einde van de levensduur van het bedrijfsmiddel om de fout te herstellen, ook al had de fout geen invloed op de totaalwinst.